Signaalgericht interviewen.

Je gesprekspartner geeft continu signalen af. Je hebt in eerdere trainingsdagen al veel hierover geleerd. Nu wordt alles anders omdat je jezelf laat sturen door de signalen die je van je gesprekspartner krijgt.

Je veranderd hierdoor voortduren van strategie en kan heel nauwkeurig bepalen in welke fase je gesprekspartner zich bevindt.

De signalen waar we op letten noemen we ‘affecten’. Je leert deze verbaal en non verbaal te herkennen. In totaal onderscheiden we 7 affecten die allen hun eigen betekenis hebben in het gesprek. Het bepaalt in welke fase je zit. Weet je het affect te herkennen, dan kun je zeer goed voorspellen wat de volgende actie van je gesprekspartner wordt. Hieronder zie je een afbeelding van een gespreksvoorbeeld schematisch weergegeven.

3 Voorbeelden van de 7 affecten zijn stress, ontkenning, en bekenning. Het affect wordt kort omschreven als: ‘Een patroon van waarneembaar gedrag waarmee een subjectief gevoel (of emotie) tot uitdrukking wordt gebracht’. Een affect stress kunnen we bijvoorbeeld waarnemen in verbale signalen en non verbale signalen. We onderscheiden hierbij 4 soorten stresssignalen. (lichamelijke stresssignalen, emotionele stresssignalen, mentale stresssignalen en gedragsmatige stresssignalen.

Met al deze kennis en achtergronden van het menselijk gedrag wordt je veel sterker in je communicatie, snap je je gesprekspartner beter en kun je deze ook veel beter doorzien.

Kijk hier wanneer de training wordt gegeven